Dit moet je weten over het imposter syndroom

Denk jij weleens dat je succes niet verdiend is?

Denk jij weleens dat je succes niet verdiend is? Je bent de enige niet. 2 op de 3 vrouwen is regelmatig bang om ontmaskerd te worden als ‘oplichter’. Er is zelfs een naam voor: het imposter syndroom. Deze zaken moet je weten over deze onzichtbare saboteur, inclusief tips om ermee om te gaan.

1. Bijna iedereen ervaart het weleens

Bijna iedereen heeft het imposter syndroom, alleen praat niemand erover. Dat is problematisch, want daardoor denken we dat we de enigen zijn die er last van hebben. We lijden in stilte, terwijl de gevoelens herkennen en erover praten enorm kan helpen om er op een goede manier mee om te gaan. Stel: je staat op het punt om te beginnen aan een nieuwe baan en bent in alle staten, omdat je zeker weet dat het een totale mislukking gaat worden. Als je dat vertelt aan een vriendin, zal ze je vertellen dat een beetje gezonde zelftwijfel heel normaal is, maar dat je er gewoon naartoe moet gaan en vanzelf wel ziet hoe het gaat. Wedden dat je je meteen een stuk beter voelt? Het delen van je gevoelens met vrienden, familie of collega’s kan een enorme opluchting zijn. Je zult vaak merken dat zij hetzelfde voelen of hebben meegemaakt. Alleen al die wetenschap maakt het imposter monster in je hoofd een kopje kleiner.

2. Sociale media maken het erger

Sociale media die ons de hele dag door opzadelen met geïdealiseerde beelden van andermans levens, kunnen imposter gevoelens versterken of aanwakkeren. De constante blootstelling aan de too good to be true-levens, lichamen en huizen van andere mensen, geeft een vertekend beeld van wat ‘normaal’ of ‘succesvol’ is. Als je jezelf daarmee gaat vergelijken, dan kan dat het idee voeden dat je niet goed genoeg bent. De druk om te presteren wordt daardoor groter, je gevoel van eigenwaarde juist kleiner. Ben je vatbaar voor imposter gevoelens, dan is het dus slim om je schermtijd te beperken en vooral mensen te volgen die een realistische weergave van de werkelijkheid laten zien.

3. Je hoeft er niet mee te blijven rondlopen

Vier je successen! Daarvoor hoef je niet eerst de Nobelprijs te winnen, ook – en juist – de kleine dingen tellen. Afgerond project? Gelukt om die lastige mail te versturen? Geef jezelf een schouderklopje. Dat helpt om je te realiseren dat je successen wel degelijk het resultaat zijn van je eigen harde werk en vaardigheden. Voel je toch weer angst om door de mand te vallen? Een nuttige strategie is het herkennen van irrationele gedachten. Vaak zijn onze imposter gevoelens gebaseerd op overtuigingen die niet matchen met de realiteit. Vraag je af: is er echt bewijs voor mijn gevoel dat ik niet goed genoeg ben? Zo ja, wat is dat bewijs dan? Bijna altijd zul je ontdekken dat het antwoord ‘nee’ is. Tot slot: wees een beetje lief voor jezelf. Zelfcompassie is key. Behandel jezelf zoals je een goede vriendin zou behandelen die het moeilijk heeft. Met begrip, geduld en een beetje humor.

In de nieuwe Happy in Shape, die nu in de winkel ligt, vind je nog 7 andere zaken (en tips!) die je moet weten over het imposter syndroom.

Tekst: Fleur Baxmeier | Beeld: Adobe Stock

Laatste nieuws